Ronde van Vlaanderen 2002

Het weekje Mallorca waar Hans en ondergetekende de nodige trainingskilometers hadden weg getrapt had ons goed gedaan.

Een weekje dat in het teken stond van de nodige kilometers maken, maar natuurlijk ook voor de gezelligheid. Het doel een goede voorbereiding voor zaterdag 6 april, en natuurlijk ook voor de rest van het nog prille wielerseizoen. Daags voor de profwedstrijd mag je ruiken, proeven en vooral voelen aan de mythe van het Vlaamse wielrennen. De Ronde van Vlaanderen, dat door de Vlamingen kortweg wordt aangeduid als "De Ronde".

Je kunt kiezen uit drie afstanden. Twee korte tochten (75 of 145 km) met start en finish in Meerbeke, of het volledige profparcours met start op de Grote Markt te Brugge en finish in Meerbeke over 272 kilometer. Verdeeld over deze drie afstanden hadden zich maar liefst 15000 mensen ingeschreven, waarvan het leeuwendeel natuurlijk kiest voor de 145 km tocht met de "heuvelzone" over de 16 hellingen.

Zaterdagochtend stonden we in alle vroegte op een winderige en ijzig koude Grote Markt in Brugge voor de inschrijving. Wim en Hans voor het vertrek in Brugge Terwijl de zon haar best deed de nacht te verdrijven was het hier een drukte van belang, en stonden honderden mensen zich te verdrukken op het grote podium voor de inschrijving. Het podium waar zondag de profs één voor één de presentielijst komen tekenen voor de tweede wereldbekerwedstrijd van het seizoen. Ik hoop alleen voor hen dat het dan iets vlotter gaat. Het heeft ons toch drie kwartier gekost voordat we eindelijk een kaderplaatje en stempelkaart hadden. Had wel het voordeel dat het toen wel inmiddels licht was geworden!

De wind zou vandaag de grote tegenstander worden er stond een straffe Noord Ooster. De eerste 25 kilometer ging het wel lekker. Je fietst eerst voor de wind richting kust en vervolgens door de duinen naar Oostende. Het was wel berenkoud na enkele kilometers voelden mijn voeten aan als ijsklompen. Vanaf Oostende was het gedaan en tot Zottegem (km 135) was het dan alleen maar wind tegen over vooral brede N-wegen. Ja voor het mooie hoef je deze eerste 135 kilometer niet te fietsen. Gelukkig deden er wel veel mensen aan mee zodat je deze "saaie" kilometers met straffe windt tegen tenminste in een groep kon afleggen.

Vanaf Zottegem draaiden we eindelijk weer voor de wind en kregen we nog voor de eerste helling van de dag de Lippenhovestraat gevolgd door de Paddenstraat, bijna 4 km dokkeren over kasseien.  Hier begint De Ronde natuurlijk pas echt. Op deze stroken kon ik de vaart er lekker in houden, met een snelheid van dik boven de 40 km/h dender ik over de kasseien. Voor Hans was de Paddenstraat iets minder, hij reed hier lek, wat meteen ook een tikje voor zijn moraal was.

Na 151 kilometer stond de eerste helling van de dag op het programma, Molenberg, een korte (350 mtr) steile helling waar de kasseien  wel erg slecht in lagen, maar zo'n eerste helling mocht natuurlijk geen probleem zijn. Weer 8 km verder op lag de Wolvenberg, waarna een lange brede rechte weg volgde richting Kluisbergen (178 km) dit alles voor de wind. Dat fietste toch wel een stukje makkelijker. Dit was dan ook tevens het laatste stukje wind mee van de dag.

Vanaf Kluisbergen draaiden we weer naar het Oosten. De hellingen volgden elkaar vanaf hier snel op, met de Kluisberg gevolgd door de Knokteberg ging het richting Oude Kwaremont, een 2200 meter lange kasseihelling die niet heel steil is maar de steentjes liggen hier niet bepaald vlak, en daardoor een erg lastige strook. De zesde helling mocht er ook wezen, Paterberg, niet lang maar verschrikkelijk steil, met de top op 70 km van de meet.

Het parcours vervolgde richting Melden waar de schrik van De Ronde op ons wachtte, de Koppenberg. Na 14 jaren van afwezigheid dit jaar weer opnieuw opgenomen in De Ronde. De 550 meter lange helling is compleet vernieuwd. 1 maart jl. werd de helling officieel geopend. Gezegd kan worden dat de kasseien er prachtig mooi in liggen, en is dit monument van de Ronde van Vlaanderen met recht weer opgenomen in het parcours. Laverend tussen de auto's lukte het me om fietsend boven te komen. Ook Hans wist deze klus fietsend te klaren en leek mede hierdoor over zijn dipje heen te komen.

Tot de volgende, en laatste controle post op 225 km kregen we eerst nog achtereenvolgens Steenbeekdries, Taaienberg, Eikenberg en Kapellenberg. Vanaf hier ging het verder met Leberg gevolgd door Berendries en Tenbosse op naar het volgende monument "De Muur". Vanaf Brakel ging het hier namelijk naar Geraardsbergen. Normaal gesproken zou dit een makkelijk stuk moeten zijn. Het ging eigenlijk alleen maar valsplat naar beneden maar ik moest toch nog hard blijven werken om de vaart er een beetje in te houden de harde wind had hier vrij spel.

Eenmaal in Geraardsbergen begonnen we aan de Muur-Kapelmuur. Deze helling is mij eigenlijk nog het meest meegevallen. Komt waarschijnlijk omdat hier vaak de beslissing is gevallen in De Ronde. Wel steil en slechte kasseien op de Kapelmuur maar als je een beetje rustig vanaf beneden begint hoeft er niets aan de hand te zijn om hier fietsend boven te komen. De profs trekken natuurlijk vanaf de Veste(10%) hard omhoog en komen dan op de Kapelmuur natuurlijk in de problemen. Het gaat daar natuurlijk wel met 20% omhoog, en dat slaat natuurlijk in de poten.

Vanaf de laatste helling, Bosberg, ging het dan naar Ninove/Meerbeke. Hier natuurlijk voor de verandering nog steeds pal wind tegen, maar op een gegeven moment leg je hier maar bij neer. Met 272 kilometer op het klokje passeren we de finishlijn en zit "onze" Ronde er op. Een mooie ervaring vanaf de heuvelzone is het een mooie tocht, maar aan de eerste 135 kilometer over de vele brede drukke N-wegen wil ik het liefs niet meer denken.

Zondag heb ik met volle teugen genoten van de wereldbekerwedstrijd. Het parcours zit vers in je kop en het idee dat je daags ervoor hetzelfde rondje hebt gefietst maakt het wel speciaal. Ik dacht zaterdag onderweg al dat het een zware koers zou worden waar het gemiddelde, door de wind, niet hoog zou liggen. Andrea Tafi schrijft De Ronde op zijn naam met een gemiddelde van  37,830 km per uur precies 10 km sneller dan mijn gemiddelde. Verschil moet er zijn niet waar!

Wim Janssen

Na "Luik - Bastenaken - Luik", "De Amstel Gold Race" en "Parijs - Roubaix" moest het er maar eens van komen. "De ronde van Vlaanderen" oftewel "Vlaanderens Mooiste". Na een trainingskamp van een week op Mallorca waarbij we toch een kleine 680 km. onder onze wieltjes doorschoven vertrokken wij op 6 april 's morgens om 3.45 uur per auto naar Brugge. Brugge is de vertrekplaats van deze tocht over 272 km. De aankomst is in Meerbeke - Ninove een kleine 75 km. van Brugge. Na een reis van twee en een half uur kwamen we aan op de grote markt in Brugge. Het podium wat daags erna gebruikt zou worden voor de presentatie van de profploegen was ingericht voor het inschrijven van deze tocht. Het inschrijven op zich was al een redelijke helletocht. Het was iets drukker dan waarop de organisatie gerekend had. Vele toerfietsliefhebbers verdrongen zich bij de inschrijfbalie waar de mensen van de organisatie steeds nerveuzer werden. Het optellen van 2 x € 20,50 bleek voor een blonde Belgische dame iets te veel gevraagd en ze verzocht ons dan vriendelijk om apart af te rekenen. Het is me uiteindelijk tocht gelukt in te schrijven zodat we om 7.15 uur eindelijk konden beginnen aan de tocht. Het kwik in de thermometer wees 3 graden Celsius aan en een schrale noordooster windkracht 5 blies over het vlakke Vlaamse land. De eerste kilometers gaan richting de badplaatsen Bredene en Oostende. Hier hadden we de wind nog mee zodat het tempo er flink ingehouden kon worden. Hierna reden we landinwaarts en begon ons de wind toch behoorlijk parten te spelen. Tot kilometer 120 waar de eerste kasseizones beginnen met de illustere namens zoals de Lippenshovestraat en de Paddestraat is het een tocht die het predikaat “Vlaanderens Mooiste” echt niet verdient. Je rijdt namelijk over brede N-wegen met de overbekende betonplaten. Het parcours is tot aan het 150 km. punt volledig vlak. Op de paddenstraat rijd ik tot overmaat van ramp lek gvd. De moed zakt me in de schoenen.  route ronde van vlaanderen (klik op het plaatje voor een groter beeld)Gelukkig heeft Wim op me gewacht zodat we samen naar de eerste bergzone fietsen. Het duurt tot de eerste bergzone voordat ik mijn moraal weer op peil heb. Na de controlestempel kunnen we nu dan beginnen aan het echte werk. Wim en ik hebben afgesproken dat hij om de 3 heuvels wacht. Het klimmen gaat hem toch stukken beter af.  Al gaat het bij mij deze dag beslist niet slecht. De Molenberg is de eerste in een rij van 16 beklimmingen. Het is een kasseiklim van 300 mtr. maar met een stijgingspercentage van 17%. Hierna volgen de Wolvenberg en de Kluisberg beide met een lengte van 1100 mtr. en een maximaal stijgingspercentage van 13%. Hier zie ik Wim weer we besluiten ieder weer het eigen tempo te fietsen en weer op elkaar te wachten op helling 7 van de dag “de Koppenberg”.  De Koppenberg in het plaatsje Melden zat sinds 1987 niet meer in het parcours omdat de weg te smal en te slecht was om over heen te rijden. Hierdoor was het voor de duurbetaalde profs altijd lopen. Maar hij is van een nieuwe laag kasseien voorzien en hierdoor is de Koppenberg toch weer enigszins begaanbaar gemaakt. Toch is en blijft het een echte kuitenbijter. Waar je op je tandvlees naar boven moet. We zijn nu de 200 km. grens gepasseerd en langzaam begint de vermoeidheid ook zijn tol te eisen. De heuvels volgen elkaar nu in rap tempo op. De "Steenbreekdries, Taaienberg, Eikenberg, Kapellenberg rollen onder onze wielen door. Steeds meer mede toerfietser moeten de heuvels lopend afleggen. Gelukkig kan ik elke klim fietsend afleggen want lopend op fietsschoenen is nog moeilijker om boven te komen. Bij km 225 is de vierde controle. Hierna komen er nog 5 beklimmingen waaronder de misschien wel bekendste klim van België de "Muur van Geraardsbergen." De Muur zit op 245 km. en is een kasseiklim met een stijgingspercentage van maximaal 20% Die kasseien zijn er vroeger een keer neer gekiept en zijn vervolgens een beetje uit elkaar gereden. Een beetje stratenmaker zou hier wonderen kunnen verrichten. Iedere wielerliefhebber kent de beelden van omvallende fietsers en motoren. Hier is het dan ook voor veel fietsers lopen, maar de echte Toerclub Ysselsteyner herken je aan zijn doorzettingsvermogen. Wim en ik bereiken dan ook beide fietsend de top. Achteraf mogen we wel concluderen dat “De Muur - Kapelmuur" eigenlijk meer een mythe is. Op deze berg valt bij de profs meestal de beslissing. In het echie valt hij reuze mee. Nu nog de Bosberg en dan nog 13 km. tot aan de meet in Meerbeke over licht glooiend terrein. Na 272 km. bereiken Wim en Ik moe maar voldaan de finish. Nu nog 2 1/2 uur terug naar huis rijden en de "Ronde" zit er op. Leuk om een keer gedaan te hebben, maar een weerzien met "De Ronde" zal er voor ons niet in zitten. Hans Philipsen
helling lengte in mtr. maximale stijging
Molenberg 300 17%
Wolvenberg 300 19%
Kluisberg 1100 15%
Knokteberg 1100 13%
Oude Kwaremont 2200 11%
Paterberg 400 20%
Koppenberg 550 18,6%
Steenbreekdries 700 5,3%
Taaienberg 475 18%
Eikenberg 1175 11%
Kapellenberg 700 6,5%
Leberg 850 16%
Berendries 900 16%
Tenbosse 250 14%
Muur - Kapelmuur 825 20%
Bosberg 475 11%